Praktijkexamen
Het praktijkexamen voor de personenauto duurt 65 minuten. In het examencentrum maakt u eerst kennis met de examinator. Deze legt uit hoe het examen verloopt. Daarna volgt op de parkeerplaats een ogentest, waarbij u het kenteken van een stilstaande auto moet kunnen lezen op een afstand van ongeveer 25 meter. Vervolgens vraagt de examinator u een aantal voorbereidings- en controlehandelingen uit te voeren aan de examenauto.
Dan begint de rit. De examinator van het CBR let onder andere op:
- Uw voertuigbeheersing;
- Uw kijkgedrag in het algemeen;
- Uw gedrag ten aanzien van de overige weggebruikers;
- Uw verkeersregels en theoretische kennis toegepast in de praktijk;
- In- en uitvoegen;
- Uw gedrag op kruispunten;
- Uw uitvoering van enkele bijzondere verrichtingen (met een tusentijdse toets (TTT) kunt u hiervoor een vrijstelling krijgen)
U krijgt tijdens het examen alle gelegenheid te laten zien wat u kunt. Helemaal foutloos hoeft niet, het gaat om het totaalbeeld. Belangrijk is hoe u reageert op het overige verkeer en of u de situatie meester bent. Kortom, de examinator bekijkt of u voldoende in huis hebt om veilig en zelfstandig aan het verkeer deel te nemen.
Als u tijdens de tussentijdse toets een vrijstelling hebt verdiend voor de bijzondere verrichtingen, wordt dit onderdeel overgeslagen.
